Fruittuin van West

De Fruittuin van West

Wil Sturkenboom is de uitdaging aangegaan om met zo min mogelijk bestrijdingsmiddelen fruit te telen. Hij raakte geïnspireerd door voedselbostechnieken en experimenteert nu met verschillende combinaties van soorten om plagen te onderdrukken. Hij hoopt hiermee een voorbeeld te zijn voor andere fruittelers, en zo het middelengebruik in de sector terug te dringen.

De Fruittuin van West is een diverse fruitboomgaard met veel verschillende soorten. Van de in totaal 16 ha is 4,5 ha boomgaard met als hoofdproductie appels, peren en kersen, die in verschillende blokken verbouwd worden. In sommige percelen vindt al langer combinatieteelt plaats, bijvoorbeeld van kersen met frambozen. In andere percelen zijn recent experimenten gestart om de diversiteit te vergroten. Onder de bomen scharrelen kippen, die hun bijdrage leveren aan bemesting van de bodem en bestrijding van insectenplagen. Het fruit wordt vers of verwerkt verkocht in de winkel of kan zelf geplukt worden door de klanten. 0,5 ha is ingericht voor CSA (community supported agriculture) tuinbouw, waar klanten zelf groenten kunnen oogsten tegen een jaarlijkse vergoeding. Verder is er 4 ha natuur en 6,5 ha weiland met koeien, een biologische winkel, een speelplaats, een café en vergaderzalen. Lees hier een uitgebreid artikel over de aanpak van Wil Sturkenboom op het gebied van Agroforestry.

Voedselbostechnieken tegen ziekten en plagen

Wil hoopt door een slimme combinatie van gewassen, ziektes en plagen in het fruit te onderdrukken. Uit eigen ervaring merkte hij al dat de combinatie van kers en framboos goed werkt om de Suzuki fruitvlieg te onderdrukken. De onderliggende gedachte is dat door een grotere diversiteit en positieve interacties tussen soorten, een sterker systeem wordt gebouwd dat zichzelf in balans kan houden. Op 4 percelen is hij aan de slag gegaan om een divers en robuust systeem te bouwen. Daaromheen is een rand met verschillende voedselbossoorten aangeplant. In het kort zien de voedselbosexperimenten er ongeveer zo uit:

1. Kersenbomenperceel

Het nieuwe kersenbomenperceel heeft een slechte bodemstructuur; het is er drassig. In de droge zomer van 2018 was de oogst slecht. Het doel hier was om de diversiteit te verhogen en de bodemstructuur te verbeteren door een combinatie met herfstframbozen, wilgen en aardappels. Tussen de rijen kersenbomen, die er al staan op elke 2 m, zijn een herfstframboos, een wilg en 3 pootaardappels aangeplant in een rug van compost. De combinatie van kers met herfstframboos lijkt het goed te doen in het bestrijden van plagen en is een aanvulling op de fruitpluk en verkoop voor klanten. Van de wilg is bekend dat het een snelle groeier is die bijdraagt aan organische stof opbouw in de bodem en verbetering van de drainage. De aardappels zijn een experiment gebaseerd op experimenten van Ernst Götsch. Het doel is om aardappels te verbouwen zonder ziekten, door de grote diversiteit in het perceel. Zowel de frambozen als de wilgen dragen bij aan het voedselaanbod voor insecten. Ter controle van het experiment met de soortencombinatie, zijn er twee rijen met alleen kersen.

2. Appelbomenperceel

Op het appelbomenperceel zijn om de anderhalve meter appelbomen van verschillende rassen aangeplant. Daartussen zijn frambozen, wilgen een aardappels geplant in eenzelfde opzet en met hetzelfde doel als het kersenbomenperceel. In 4 rijen is kruisbes in plaats van framboos geplant, om diversiteit in een andere combinatie te testen. Daarnaast dragen de kruisbessen bij aan een hogere diversiteit in het gehele perceel, wat de balans in bodem en in de insectenpopulatie ten goede komt. In 1 rij is rabarber in plaats van aardappel geplant, om het verschil tussen 2 gewassen in de onderste laag te testen. Ter controle is er een rij met alleen appels en frambozen.

3. Pruimenbomenperceel

Het pruimenbomenperceel wordt afgewisseld met zomerframbozen, aardbeien en aardappels. Tussen elke 2 pruimenbomen is ook een populier aangeplant, ter verbetering van de bodemstructuur en verhoging van het organische stof gehalte. Verder volgt het experiment eenzelfde opzet als 1 en 2.

4. Voedselbosrand

In randen rondom het bedrijf zijn bevinden zich voedselbosbomen, geclusterd in groepen. De voedselbosbomen hebben meer ‘exotische’ vruchten. Het voedselbosperceel draagt bij aan de algehele diversiteit op het bedrijf, wat beter is voor de balans in de bodem en in de insectenpopulatie. In de voedselbosrand zijn hazelaars, amandelbomen, vijgenbomen, kweeperen, mispels, kiwibessen, pawpaw, moerbeien, bramen, gojibessen en perziken aangeplant.

De experimenten zijn in het voorjaar van 2019 aangelegd in het kader van het project Proeftuin Agroforestry Noord-Holland, waar de Natuur en Milieufederatie Noord-Holland in samenwerking met het Louis Bolk Instituut, voedselbosontwerper Jelle Fekkes en het Clusius college met 4 ondernemers aan de slag is gegaan met agroforestry in de praktijk. Het project krijgt financiële steun van het Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling.

logo-EU-met-plattelandsontwikkeling